Statenkwartier heeft een buurtwacht
‘Een dief ziet liever niemand’

Sinds twee maanden heeft het Statenkwartier een buurtwacht. Vanaf dat het donker wordt, houden zes bewoners in enkele straten een oogje in het zeil. “We letten op verdachte signalen en kijken bijvoorbeeld of hekken zijn afgesloten”, zegt Esther van Cleef, die de buurtwacht op poten zette.
Drie leden van de buurtwacht: Wim, Esther, Roy
Het was al een tijdje onrustig in dit deel van de buurt maar die brute overval in oktober was de druppel”, vertelt Esther. “Toen was het genoeg. We stonden voor de keuze: de kop in het zand steken of iets ondernemen.” Het werd het laatste: ze richtte een buurtwacht op, mede omdat er ‘te weinig blauw op straat’ is.
De buurtwacht loopt dagelijks verschillende rondes op verschillende tijden – “anders gaan kwaadwillenden je herkennen”. Het wachtlopen gebeurt met minstens twee personen. Zij kijken of bijvoorbeeld hekken dicht zitten, of er verdachte personen rondlopen, of er verdachte of onbekende auto’s staan, of mensen ’s avonds niet te veel in het zicht zitten, of containers op slot zitten, of er voldoende verlichting is en meer van dat soort dingen. Verdachte personen aanspreken doen ze niet – “we gaan niet de held uithangen”.
Het deel tussen Groen van Prinsterenstraat en Fagelstraat kan rekenen op het controlerend oog van de buurtwacht. De rest van de buurt niet. Daarom zou eigenlijk iedere buurt een buurtwacht moeten hebben, vindt Esther. “Je kunt criminaliteit voorkomen want je bent zichtbaar; een dief ziet liever niemand.”
En dat lijkt te werken. “Het lijkt rustiger geworden. Misschien komt dat wel door onze buurtwacht.” Om het nog veiliger te maken zou elke bewoner een handje moeten helpen, vindt Esther. “Veel mensen zwijgen als ze iets zien, ze denken ‘dit is niet mijn pakkie-an’. Maar we zijn toch een buurt met elkaar en voor elkaar? Meld dus als je iets ziet. Dat kan ook anoniem!”